Het ontstaan van de naam ‘Roggel’

De naam ‘Roggel’ klinkt sommige mensen wat vreemd in de oren. Oud is dan ook het mopje waarin de pastoor zijn gelovigen toespreekt met de woorden “Beminde rochelaar”. Wat nu exact ervoor heeft gezorgd dat Roggel heet zoals het heet, is niet geheel duidelijk. Er zijn dan ook twee theorieën over het ontstaan van de plaatsnaam Roggel.

Afgeleid van het woord ‘Rogus’
Eén van de verhaal luidt dat de naam Roggel afkomstig is van het latijnse woord ‘Rogus’, dat offerplaats of brandstapel zou betekenen, ook wel gerechts- of vergaderplaats. In de tijden voor het Christendom zou in de streken rondom Roggel bij de offerplaats ook worden vergaderd en rechtgesproken.
In deze opvatting moet deze offerplaats of ‘rogus’ gelegen hebben op de plaats waar nu de parochiekerk staat. Bekend is, dat de eerste missionarissen hun kerkjes bij voorkeur bouwden op dezelfde plaats waar voordien de heidense offerplaatsen waren gelegen.

Afgeleid van de woorden ‘Roek-Loo’
Een andere lezing wil, dat de naam ‘Roggel’ ontstaan is uit “Roek-Loo”. Roek is een vogelnaam en “Loo” betekent bos. Roekloo zou dan vrijvertaald zoiets als kraaienbos betekenen. Men zou zich kunnen voorstellen, dat in de prehistorische tijden langs de vruchtbare dreven van de Roggelse Beek massale eikenbossen stonden, een eldorado voor roeken.

Bovenstaande is overgenomen uit een Roggels Blaadje tussen 1960 en 1970. De exacte auteur en publicatiedatum is niet bekend.

Facebook

Get the Facebook Likebox Slider Pro for WordPress